|
|
|
Agnes
|
De laatste week van maart 2009 was de week van de parlementaire democratie, of liever van de ontmanteling van de parlementaire democratie. Daaraan vooraf gingen ellenlange en taaie onderhandelingen tussen de bewindslieden over een crisisplan. Dat gebeurde in aanwezigheid van de fractievoorzitters van de drie regeringspartijen. In het laatste stadium van het overleg schoven ook de sociale partners aan: Agnes Jongerius (FNV), Rene Paas (CNV), Bernard Wientjes (VNO-NCW) en Loek Hermans (MKB). Omdat het over ingrijpende plannen ging, die veel verder reiken dan partijbelangen, was het verstandig geweest als ook de fractievoorzitters van de oppositie waren uitgenodigd. Dat dit niet gebeurd is, versterkt het vermoeden dat de onderhandelingen vooral bedoeld waren om een kabinetscrisis te voorkomen.
De week begon na afloop van het overleg, in het holst van de nacht. Agnes rolde als een Centurion tank het tv-scherm binnen. Zij straalde, want volgens haar was het pijnlijkste onderdeel, de verhoging van de AOW-leeftijd naar 67, van tafel. Zij keek erbij alsof zij het gereformeerde trio jongeheren dat ons land tracht te besturen, met huid en haar had opgevreten. Agnes, de nieuwe onderkoningin van Nederland. Samen met Wientjes en Hermans heeft zij het kabinet de SER door de strot gewrongen. Die krijgt tot 1 oktober de tijd om een alternatief plan te formuleren, zodat de verhoging van de baan kan. Jan Peter en Wouter spartelden later in de Tweede Kamer nog wel tegen, maar als Agnes de Tank met haar vleugeladjudanten straks het Binnenhof platwalst, is het gebeurd met de kleine luyden en hun kabinet.
Het tweede hoogtepunt was de theatervoorstelling in de Kamer. CDA-fractievoorzitter Pieter van Geel stelde zich met stip kandidaat voor de Prijs voor de Grootste Domoor. In debat met VVD-voorman Mark Rutte zei hij dat in het crisisplan weinig of geen ruimte was voor aanvullingen. Geert Wilders maakte van die uitspraak op briljante wijze gebruik. “Ik heb geen zin om hier voor Piet Snot te zitten,” zei hij en verliet met zijn pelotonnetje xenofoben de vergaderzaal. Die act bracht in feite de stemming van de hele oppositie in beeld: wat doen wij hier? Begrijpelijkerwijs waren de oppositiepartijen woedend over het vertrek van Geert. Hij was – zonder dat hij ook maar de kleinste bijdrage aan de discussie heeft geleverd – de enige die scoorde. Weer vijf zetels erbij. Zijn lancering in de peilingen neemt griezelige vormen aan.
Het derde hoogtepunt van de week was de performance van president Nout Wellink tijdens de presentatie van het jaarverslag van de Nederlandsche Bank. Daarbij ging het vrijwel alleen over de kredietcrisis. Nout is steeds uit de wind gebleven, als het ging om de vraag wie iets te verwijten valt. Zijn functie heeft traditioneel een onaanraakbare status. De VEB heeft daaraan een eind gemaakt. Zij zet Nout op nummer 1 van de lijst van bankiers die ‘sorry’ moeten zeggen voor hun rol in de kredietcrisis. Daarop reageerde de president cynisch. “Mij is de eer geworden dat ik de hoofdprijs heb gewonnen,” gromde hij. Hij legde uit dat er een groot grijs gebied ligt tussen schuld en geen schuld en dat hij zich midden in dat gebied bevindt. Hij is dus niet van smetten vrij, maar ziet geen reden om zich te verontschuldigen. En passant liet hij zich schamper uit over Floris Deckers van Van Lanschot, die wel ‘sorry’ heeft gezegd. Een kleinzielige opmerking, onfatsoenlijk. Zo eindigde een rare week, de machtsovername door Agnes, de Tweede Kamer buiten spel, de uittocht van Geert, het onschuldige grijs van Nout en het volk dat de rekening gaat betalen.
Jan Harmen
|
|